Bang maken en vervolgens een oplossing geven.

Een “fear appeal” is, zoals het woord al zegt, een reclameboodschap gebaseerd op angst. Fear appeal heeft als doel om mensen angst aan te jagen wat als gevolg moet hebben dat zij gemotiveerd worden om een bepaald product te kopen. De reclames die hier gebruik van maken, spelen vaak in op bestaande angsten, zoals ziekten. Daarnaast kunnen ze ook een nieuwe angst creëren waar je voor het zien van de reclame je er nog niet bewust van was. De reclame biedt natuurlijk dé oplossing. Zij laten zien hoe jouw leven eruit gaat zien als je het product niet koopt.

Het bekendste voorbeeld zijn de campagnes over stoppen met roken. Daarin wordt gebruik gemaakt van fear appeals. Of het werkt laat ik nog even achterwegen, maar veel marketeers zijn er van overtuigd dat als je rokers de negatieve consequenties van hun rookgedrag benadrukt, dat dit zal zorgen dat zij stoppen met roken.

Een voorbeeld van een campagne die gebruik maakt van fear appeals:

 

Campagnes voor veilig rijden zijn ook vaak gebaseerd op fear appeals. Bijvoorbeeld de campagnes tegen rijden onder invloed.

 

Maar werkt het gebruik van fear appeals wel altijd? Ik denk van niet. En waarom niet? Uit onderzoek blijkt dat mensen hun aandacht weghalen van negatieve boodschappen of excuses bedenken waarom het niet op hun van toepassing is. Een voorbeeld van een excuus is dat iemand wel 2 pakjes per dag rookt, maar ook de juiste hoeveelheid groente en fruit eet. Diegene leeft dus gezond van zichzelf en hem/haar zal dus ook niks overkomen!

Om te voorkomen dat mensen hun aandacht weghalen van negatieve boodschappen, moet ervoor gezorgd worden dat de volgende twee elementen aanwezig zijn:

1)      Gevaar: Mensen moeten zich vatbaar voelen voor gevaar.

2)      Oplossing: Vertel mensen hoe ze het probleem kunnen oplossen.

 

 

Franssens, D. (2012, november 8). ‘Fear Appeals’: een online persuasion booster? :: Online Dialogue. Geraadpleegd op 11 oktober 2013, van http://onlinedialogue.nl/publicaties/fear-appeals-een-online-persuasion-booster/

User Generated Content

User generated content is de som van alle manieren waarop mensen gebruik maken van social media. Hier zitten twee basisvoorwaarden aan. Het moet publiek toegankelijk en niet commercieel zijn. (Menken, 2013)

Met andere woorden, het is informatie die door gebruikers beïnvloed, of zelfs geschreven, wordt. Op internet komt er steeds vaker tweerichtingsverkeer voor, in tegenstelling tot vroeger. Op het internet vervaagt de grens tussen de redactie en de gebruiker. Zo wordt het internet interessanter en dynamischer. (Diepeveen, 2013) Hierdoor wordt informatie op het internet in sommige gevallen ook veel onbetrouwbaarder. Want wie bepaalt of iemand iets mag plaatsen op internet? Niemand! Zo kan iemand die ergens weinig verstand van heeft, allerlei informatie op bijvoorbeeld Wikipedia plaatsen.

Naast Wikipedia, is ook Marktplaats een goed voorbeeld van een user generated content. Een extreem voorbeeld van user generated content komt uit Zuid-Korea. http://english.ohmynews.com is de grootste nieuwssite van dit land. De nieuwsitems worden door 40.000 burgers door het hele land aangeleverd.

In 2008 kwam ter sprake dat musea ook gebruik wilden maken van user generated content, omdat het bezoekersaantal in musea alsmaar afneemt. Hoe zij dat voor zich zagen? Het openstellen van de museumcollectie. In Sydney in het Powerhouse Museum heeft er al iets soortgelijks plaatsgevonden. Museumbezoekers hebben niet alleen gratis toegang, maar zij kunnen ook commentaar geven op objecten en zij kunnen meehelpen in onderzoek naar het verhaal achter de museumobjecten.

Ook bij het Indianapolis Museum of Artmakertingtools is het geen onbekend begrip. Museummedewerkers plaatsen blogs en ze hebben een eigen Youtube-kanaal. Dit zorgt voor een hogere betrokkenheid bij de bezoekers.

Markteting facts (2008, november 14). Het User Generated Content museum | Marketingfacts. Geraadpleegd op 5 oktober 2013, van http://www.marketingfacts.nl/berichten/het_user_generated_content_museum

Marketing portaal (2013, juni 11). User generated content » Marketingportaal. Geraadpleegd op 5 oktboer 2013, van http://www.marketingportaal.nl/woordenboek/user-generated-content

“Ik heb gelijk!” “Nee ik!“

Issues. Iedereen heeft er dagelijks mee te maken; onenigheid.Een issue is een onderwerp van discussie. Dit onderwerp beïnvloed de mening van de bevolking. Momenteel is er bijvoorbeeld veel aandacht voor de vraag of Nederland de JSF moet aanschaffen of niet.

Onder issues vallen drie soorten nieuws. De eerste zijn gewone onderwerpen, dit kan bijvoorbeeld gaan over de werkgelegenheid in Nederland. Als tweede bestaat er het zogenaamde ‘horse race news’. Dit houdt in dat er een soort wedstrijd tussen groepen speelt, dus er zijn winnaars en verliezers. Daarnaast heb je conflict georiënteerd nieuws. Dit kan bijvoorbeeld gaan over wie bij welke kant hoor binnen een oorlog.

Vaak vervagen issues na een tijdje. Echter zal deze nooit helemaal verdwijnen. Bij het minste of geringste kan een issue weer naar boven worden gehaald.

Een issue bestaat uit verschillende fases. Het begint met een paar signalen, vaak gebeurt dit op social media. Daarna is de geboorte van de issue. Framing en labelling komt daarbij te pas. Onder labelling verstaat men stereotypering. Framing staat voor inkadering van het nieuws. Na deze twee fases komt de uitbreiding en de verscherping van de issue. In deze fase komen voorstanders en tegenstander aan bod.  De laatste fase is de consolidatie.

Hebben social media steeds meer invloed op de mens?

Zowel social media als de televisie zijn veel gebruikte media, maar welke heeft nou het meeste invloed op de mens? Ik denk dat social media steeds meer invloed hebben.

Het gebruik van sociale media zijn de afgelopen jaren flink gestegen. Bijna 80% van de internetgebruikers bezoekt social media. Naast jongeren, bezoeken ook steeds meer ouder social media. Daarnaast bezoeken zij social media ook steeds vaker vanaf hun smart phones. Zo’n 40% van alle social media gebruikers bezoeken social media vanaf hun smart phone.

Elke minuut die men aandacht besteed aan sociale media staat gelijk aan 31 minuten televisie kijken (Deloitte, 2012). Het gebruik van social media heeft ook invloed op het offline gedrag van social media gebruikers. Uit onderzoek blijkt namelijk dat social media gebruikers eerder hun mening geven over tv-shows, nieuws of politieke zaken dan mensen die geen social media gebruiken. Social media gebruiken heeft in zoverre invloed op mensen dat de kans zelfs groter is dat zijn op een date gaan of eerder gaan sporten. Daarnaast komen zij ook sneller in de verleiding om bijvoorbeeld kleding te kopen (Nielsen, 2012).

Bedrijven en merken kunnen dus steeds meer invloed uitoefenen op het mensen en hun gedrag. Dit komt niet alleen door het feit dat steeds meer mensen social media steeds vaker gebruiken, maar ook door het feit dat er steeds meer kennis is over hoe bedrijven het effectiefste om kunnen gaan met social media.

Nielsen (2012, december 9). Social Media Report Spending Time, Money and Going Mobile. Geraadpleegd op 21 september 2013.  http://www.nielsen.com/us/en/newswire/2011/social-media-report-spending-time-money-and-going-mobile.html

Parasociale interactie

Het wordt een steeds vaker genoemd begrip: parasociale interactie. De nieuwe media is steeds interactiever. Interactie is zelfs een mediumkenmerk geworden.

Bij parasociale interactie gaat het om de manier waarop mediagebruikers reageren op mensen die in die media optreden, een wijze van reageren die verloopt alsof het een interactie betreft tussen ‘echte’ mensen in het gewone dagelijkse leven (Giles, 2002).

Kortom: parasociale interactie is dus een schijn interactie en vaak zelfs een schijnrelatie. Men gaat dus een interpersoonlijke relatie aan met een figuur in de media. Vervolgens wordt deze relatie verder opgebouwd en onderhouden. Het figuur in kwestie hoeft niet per se menselijk te zijn, ook met tekenfilmfiguren kan er een schijnrelatie opgebouwd worden.

 

Maar niet alleen soap-figuren zorgen voor een parasociale interactie. Ook bekende Nederlanders kunnen sociale interactie verzorgen. Zo kan een fan van Frans Bauer ook een parasociale relatie met Frans Bauer zelf hebben. In ernstige gevallen kan dit zelfs leiden tot stalkersgedrag.

Zo kent u ook vast wel de reclame waarin er een vrouw een jongen overrijdt en dan meldt dat Janine vreemd is gegaan en dat Ludo er vandaag achter komt. Deze mevrouw heeft in dit geval een parasociale relatie met karakters uit de soapserie Goede tijden, slechte tijden.

Heuvelman, A., & Fennis, B. (2005). Mediapsychologie. Amsterdam: Boom.

Pas op waar je communicatie voor gebruikt

Tegenwoordig wordt men zich steeds bewuster van het feit dat de media een enorme invloed heeft op de mens. De kijker is een ontvanger en kijkt niet kritisch naar de informatie die hen wordt voorgeschoteld. De media is op zijn beurt zich hier bewust van en maakt dan ook gebruik van die macht. Uit onderzoek blijkt dat er onderscheid gemaakt kan worden tussen drie massacommunicatietheorieën, namelijk: de almacht theorie, de relativeringstheorie en de machtstheorie.

 Bij de almacht theorie gaat men ervanuit dat de ontvanger als individu een passief persoon is. Vaak neemt de persoon in kwestie bepaalde dingen vanuit de media over en bootst deze op korte termijn al na. Binnen deze theorie valt de injectienaaldtheorie, die ook wel de one-step flow theorie wordt genoemd. De informatie wordt, zoals de naam al zegt, door de media geïnjecteerd. Een heftig voorbeeld hiervan is de media in de tijd van Hitler. De media bestond in die tijd uit propaganda en werd vooral gebruikt om mensen de overtuigingen van Hitler te injecteren. Hierdoor zijn heel veel mensen overtuigd.

 

Naar mijn mening heeft media zoals eerder beschreven niet alleen invloed op een passief individu, maar uiteindelijk ook op een groep. Mensen beïnvloeden elkaar namelijk sterk, dus wanneer één iemand door de media geïnjecteerd is en diegene geeft een bevestiging aan de omgeving, dan zullen zij het ook eerder gaan geloven. Wanneer deze groep zich uitbreidt, komt ook groepsdruk van pas. Mensen gaan zich gedragen zoals de mensen in de omgeving zich gedragen. Dit wordt ook wel automatisch gedrag genoemd.

 

Massacommunicatietheorieën - humane. (n.d.). Geraadpleegd op 7 augustus 2013.

http://humane.wikkii.com/wiki/Massacommunicatietheorieën